De Naardense Bijbel is herzien

In 2004 voltooide Pieter Oussoren zijn Naardense Bijbelvertaling. In november 2014 is de herziene versie – Naardense Bijbel 2014 – verschenen, naar de vraag van de lezer op zakformaat. Zo kan de Bijbel ook mee naar de kerk.

Waarom na tien jaar een herziening? De Naardense Bijbel staat voor een letterlijke vertaling en wordt geprezen om zijn combinatie van letterlijkheid en poëtische kracht. De letterlijkheid maakt de schoonheid van het origineel voelbaar. Maar het kan en moet soms nog letterlijker, zodat de beeldende kracht van het originele Hebreeuws en het Bijbelgrieks nog beter naar voren komt. Hoe dichter bij de bron, hoe meer de tekst gaat spreken. Ook het kernachtige van het Hebreeuws zal nog beter tot zijn recht komen.

Lees verder

Actueel



Bijbeltekst van week 10

Johannes 2, 13-25

2:13


Nabij is het Pesach der Judeeërs geweest

en Jezus klimt op naar Jeruzalem.

2:14


Wat hij in het heiligdom vindt

zijn de verkopers van runderen,
schapen en duiven,-
en de muntwisselaars die daar
zijn gezeten.

2:15


Van touwtjes maakt hij een gesel

en hij werpt ze allemaal
het heiligdom uit,-
ook de schapen en de runderen;
de munten van de wisselaars
strooit hij uit
en de tafels trapt hij om.

2:16


Tot de duivenverkopers zegt hij:

haalt dit alles hier weg!-
maakt van het huis van mijn Vader
geen handelshuis!

2:17


Zijn leerlingen worden indachtig

dat er geschreven is
‘de ijver voor uw huis zal mij verteren’ (Ps. 69,10).

2:18


Dan geven de Judeeërs antwoord;

ze zeggen tot hem:
met welk teken toont u ons aan
dat u deze dingen mag doen?

2:19


Jezus antwoordt en zegt tot hen:

maakt deze tempel los
en in drie dagen zal ik opwekken!

2:20


Dan zeggen de Judeeërs:

veertig en nog eens zes jaren
is er aan deze tempel gebouwd,
en ú wekt hem in drie dagen op?

2:21


Maar híj heeft dat gezegd

over de tempel
die zijn lichaam is.

2:22


Wanneer hij dan wordt opgewekt

uit de doden
worden zijn leerlingen indachtig
dat hij dit heeft gezegd
en gaan ze geloven in de Schrift
en in het woord dat Jezus zegt.

2:23


Terwijl hij in Jeruzalem is geweest

bij het Pesach, bij het feest,
gaan velen geloven in zijn naam
aanschouwend
de tekenen die hij heeft gedaan.

2:24


Maar Jezus heeft zichzelf

niet in goed geloof toevertrouwd aan hen,
omdat hij ze allemaal kende

2:25


en omdat hij het niet nodig had

dat iemand hem iets betuigde
over de mens,
want zelf heeft hij gekend
wat er in de mens geweest is.

Toelichting op Johannes 2, 13-25

Bijbeltekst van de Week – Johannes 2, 13-25

 

Voor wie de tiende druk van de Naardense Bijbel gebruikt: in Johannes 2, 19 regel 3 ontbreekt tussen ‘zal ik’ en ‘opwekken’ het woordje hem. Dat moet er wel instaan. Sorry, kopers en lezers…

Te Kana in Galilea heeft Jezus een eerste teken van ‘glorie’ gegeven, nu maken Juda en Jeruzalem kennis met de Messias die niet uit Galilea mag komen (Joh. 7, 41b-42), maar –bij Johannes– toch echt een gave Galileeër is, in Joh. 4, 9 voor een Judeeër gehouden, in Joh. 8, 48 voor een Samaritaan.

De aanleiding voor de klim naar Jeruzalem is de nabijheid van het Pesach der Judeeërs. Het zou kunnen dat dat zoiets betekent als ‘Pesach’, u weet wel: het joodse Pasen. Maar waarschijnlijker vind ik de veronderstelling dat Galilea, Samaria en Judea niet op dezelfde dagen Pesach vierden.  Bij Pieter W. van der Horst, De Samaritanen, heb ik net gelezen dat Samaritaans en Juees Pesach nóóit samenvallen. Zo zou ook Galilea een eigen paasdatumberekening kunnen hebben, afwijkend van Judea. (Toen ik in 1962 in de Utrechtse Buurkerk alle Paasdiensten had meegevierd daalde ik af naar Parijs om daar Russisch Pasen mee te maken, in dat jaar een week later dan het westerse feest.)

Maar meer nog dan een datering is ‘het Pesach der Judeeërs’ (het zinnetje komt vaker voor!) een eerste signaal van Jezus’ uiteindelijke Passie en Pasen in Jeruzalem. In de verzen 18 tot en met 22 gaat het dan ook daarover, in tekentaal, een raadsel dat op het moment noch door de Judeeërs noch door Jezus’ leerlingen uit Galilea begrepen wordt. (Wie verslaafd is aan het woord “Joden” in de tekst van Johannes kan hier lezen: de Judese Joden en de Galilees-Joodse leerlingen, – want ‘Joden’ zijn ze allemaal; het is niet ‘Jezus en de leerlingen’ tegenover ‘de Joden’.)

In vers 15 vertaal ik hieron met ‘heiligdom’, en in de verzen 19-21 naos met ‘tempel’. Ik doe dat overal in het Nieuwe Testament. Ik vermoed dat het verschil iets wil betekenen, maar ik weet (nog) niet wát.

De verzen 17 en 22 intrigeren me. Ik denk dat die er toe hebben geleid dat Joh. 2,13-25 een veertigdagenperikoop is geworden.  In de verzen 17 en 22 wordt aan de doopleerlingen bijna vóórgeschreven wat zij in de Paasnacht hebben te gedenken en geloven: Jezus’ ijver voor het huis van de Vader en zijn profetie over de tempel die zijn lichaam is.

 

Pieter Oussoren

http://www.luthersekerkapeldoorn.nl/5/predikant

Archief met teksten van de week

Recensie over de Naardense Bijbel

Het is een eigensoortige vertaling die een aparte plaats verdient. Wie heel dicht bij de grondtalen wil blijven en als taalliefhebber graag verrassingen tegenkomt, biedt deze uitgave veel stof tot overdenking


Nederlands Dagblad
Lees alle recensies