Instellingen

15


Zie toch het beestbeest bij jou dat ik

gemaakt heb,-
het eet gras als het rundvee!

16


Zie toch zijn macht in zijn lendenen,-

zijn kracht
in de kabels van zijn buik!

17


Hij maakt de staart onder zijn buik
   stijf als een ceder,-

de pezen van zijn poten
   strengelen zich samen.

18


Zijn botten zijn buizen van brons,-

zijn knoken
als stangen van ijzer.

19


Hij is het begin van de wegen van God,-

die hem gemaakt heeft
   bracht ook zijn zwaard aan.

20


Ja, hun opbrengst
   dragen de bergen hem aan,-

en alles wat in het wild leeft op het veld,
die lopen daar te lachen.

21


Onder lotusbomen legt hij zich neer,-

verborgen in het riet, in het moeras.

22


Lotusbladeren schermen hem af
   met hun schaduw,-

hem omringen de wilgen in het beekdal.

23


Zie, zwelt de rivier, hij schrikt niet,-

hij voelt zich veilig!,
wanneer de Jordaan losbreekt tot aan zijn bek.

24


Neemt men hem aan zijn oogkassen vast,-

met strikken
boort men hem door de neus?