Instellingen

3


Of is het u onbekend

dat wij allen
die in Christus Jezus zijn gedompeld* ‘Dompelen’ is elders meestal vertaald als ‘dopen’.,
in zijn dood gedompeld zijn?

4


Dus zijn wij met hem begraven

door de dompeling in de dood, opdat
zoals Christus uit de doden is opgewekt,
door de glorie van de Vader,
zo ook wíj
in vernieuwing van leven
zullen wandelen.

5


Want als wij een medeplanting

zijn geworden
in de gelijkheid aan hem in zijn dood,
dan zullen wij het ook zijn
in zijn opstanding,

6


nu wij dít weten

dat ons oude mens-zijn
medegekruisigd is
opdat het lichaam van de zonde
buiten werking wordt gesteld
en wij niet meer dienstbaar zijn
aan de zonde.

7


Want wie gestorven is,

is rechtens vrijgesproken van de zonde.

8


Als wij gestorven zijn met Christus,

geloven wij
dat wij ook met hem zullen leven,

9


wetend dat Christus,

opgewekt uit de doden
niet meer sterft,-
de dood is geen heer meer
over hem.

10


Want sinds hij gestorven is,

is hij gestorven voor de zonde,-
eens-en-voor-al;
sinds hij leeft,
leeft hij voor God.

11


Zo ook gíj: rekent ermee

dat gij dood zijt voor de zonde
maar levend voor God
in Christus Jezus.