Instellingen

4


Dan zegt Jozef tot zijn broeders:
   treedt nader tot mij!, en zij treden nader;

hij zegt:
ik ben Jozef, de broeder van
jullie die mij naar Egypte verkocht hebben;

5


welnu, weest niet bedroefd

en laat het niet in jullie ogen branden
dat jullie mij hierheen hebt verkocht:
want tot levensbehoud
heeft God mij voor jullie aanschijn uit
   hierheen gezonden;

6


want twee jaren nu
   is de honger midden in het land;

en nog vijf jaren zijn er,
zonder ploegvoor of oogst!-

7


God zendt mij voor jullie aanschijn uit

om van jullie
   een rest op het aardland in te zetten

en om van jullie er in leven te houden
voor een grote redding;

8


welnu,

niet júllie
hebben mij hierheen gezonden
maar God;
hij heeft mij gesteld tot vader voor Farao,
tot heer voor heel zijn huis
en heerser in heel het land van Egypte;