Naardense Bijbel > zoeken
ik zal haar vrolijkheid laten ophouden, haar feest, haar nieuwemaansdag, haar sabbat,- en elk samenkomstgetij;
verwoesten zal ik haar wijnstok en haar vijgenboom, waarvan zij heeft gezegd: die zijn een gift aan mij die mijn minnaars mij hebben gegeven! Maken zal ik ze tot een woud, en kaalvreten zal hen wat in het wild leeft op het veld;