Instellingen

14


verwoesten zal ik

haar wijnstok en haar vijgenboom,
waarvan zij heeft gezegd:
die zijn een gift aan mij
die mijn minnaars mij hebben gegeven!
Maken zal ik ze tot een woud,
en kaalvreten zal hen
   wat in het wild leeft op het veld;

15


bezoeking zal ik aan haar doen

voor de dagen van de baäls,
   waarop zij wierookte voor hen,

zich tooide met haar neusring
   en haar halsketting

en haar minnaars achternaging,-
en mij vergat!,
   is de tijding van de Ene.

•