Instellingen

15


bezoeking zal ik aan haar doen

voor de dagen van de baäls,
   waarop zij wierookte voor hen,

zich tooide met haar neusring
   en haar halsketting

en haar minnaars achternaging,-
en mij vergat!,
   is de tijding van de Ene.

•

16


Daarom…

zie, ik ga haar verleiden
en zal met haar gaan naar de woestijn;
ik zal spreken tot haar hart;

17


geven zal ik haar

haar wijngaarden, van dáár uit,
en het dal Achor,- sloop,
   maak ik tot een poort van hoop;

eenmaal daar zal zij antwoorden* Of: zingen.
   als in de dagen van haar jeugd,

als ten dage dat zij opklom
   uit het land Egypte.

••

18


Geschieden zal het te dien dage,
   is de tijding van de Ene,

dat zij tot mij roept ‘mijn man’,-
en niet meer tot mij roept ‘mijn Baäl!’

19


Doen wijken zal ik de namen
   van de baäls uit haar mond,-

er zal nooit meer met hun naam
   aan hen worden gedacht.

20


Smeden zal ik voor hen
   te dien dage een verbond

met wat in het wild leeft
   op het veld,
   met wat vliegt langs de hemel

en met wat kruipt over de grond;
boog en zwaard en oorlog
   zal ik wegbreken uit het land,

en ik zal hen daar doen neerliggen
   in veiligheid.

21


Ik wil jou voor mij werven voor eeuwig;

ik wil jou voor mij werven
met gerechtigheid en recht,
met vriendschap en ontferming;

22


ik wil je voor mij werven met trouw;

je zult de Ene leren kennen!
••