Instellingen

11


Dan sprak de Ene tot Mozes
   van gelaat tot gelaat,

zoals een man spreekt tot zijn makker;
dan keerde hij terug naar de legerplaats.
Zijn helper Jozua, zoon van Noen,
   een jongen nog,

week niet uit de tent.
••

12


Mozes zegt tot de Ene:

zie aan, gij
zegt tot mij:
   doe deze gemeente ópklimmen,

maar gij hebt mij niet doen weten
wie ge uitzendt met mij mee;
gij hebt gezegd ‘ik ken jou bij name’
en óók ‘genade heb je gevonden
   in mijn ogen’;