| 9 | De Ene zal tot koning worden over heel de aarde,- te dien dage zal de Ene de enige zijn en zal zijn naam de enige zijn.
| |
| 10 | Rondom wordt heel het land als de vlakte Geva tot Rimon, ten zuiden van Jeruzalem; en dat zal verheven zetelen op haar plek van de Benjaminspoort tot aan de plaats van de eerdere poort, tot aan de Hoekpoort en van de Chananeltoren tot aan ’s konings perskuipen.
| |
| 11 | Ze zullen er zetelen, geen banvloek zal er meer zijn; Jeruzalem zal neerzitten in veiligheid.
| |
| 12 | En dit wordt de neerstoting waarmee de Ene alle gemeenschappen zal neerstoten die tegen Jeruzalem een strijdschaar vormden: hij zal iemands vlees laten wegrotten terwijl hij op zijn voeten staat, zijn ogen zullen wegrotten in hun kassen en zijn tong rot weg in zijn mond.
| |
| 13 | Geschieden zal het te dien dage: onrust vanuit de Ene zal bij hen in overvloed uitbreken,- en grijpen zullen ze ieder de hand van zijn naaste, en verheffen zal iemands hand zich tegen de hand van zijn naaste.
| |
| 14 | Ook Juda zal in Jeruzalem vechten; ingezameld wordt dan het vermogen van alle volkeren rondom: goud, zilver en gewaden in grote overvloed.
| |
| 15 | Zo zal het ook zijn met de neerstoting van het paard, het muildier, de kameel, de ezel en welk dier ook maar dat er zal zijn in die legers,- als déze neerstoting.
| |
| 16 | Geschieden zal het: al wat er overblijft uit alle volkeren die over Jeruzalem zijn gekomen,- van jaar op jaar zullen zij opklimmen om zich te onderwerpen aan koning Ene, de Omschaarde, en om mee te feesten in het Loofhuttenfeest.
| |
| 17 | Geschieden zal het: als een van de families der aarde niet naar Jeruzalem opklimt om zich te onderwerpen aan de koning Ene, de Omschaarde, dan zal er op hen geen plensbui vallen.
| |
| 18 | En als de familie uit Egypte niet opklimt en er niets, nee niets over hen zal komen,- dan zal de neerstoting er zijn waarmee de Ene de volkeren neerstoot die niet opklimmen om mee te feesten in het Loofhuttenfeest;
| |
| 19 | dat zal de ontzondiging van Egypte worden,- en de ontzondiging van alle volkeren die niet zullen opklimmen om mee te feesten in het Loofhuttenfeest.
| |
| 20 | Te dien dage zal er op de bellen van de paarden staan: toegeheiligd aan de Ene! En met de pannen in het huis van de Ene zal geschieden als met de sprenkelbekkens voor het aanschijn van het altaar.
| |
| 21 | Worden zal elke pot in Jeruzalem en in Juda toegeheiligd aan de Ene, de Omschaarde, en allen die offeren willen zullen komen en enkele van hen nemen en erin koken; en er zal geen Kanaäns-koopman meer zijn in het huis van de Ene, de Omschaarde, te dien dage! | |