Instellingen

6


Bij hen zijn uit de zonen van Juda:

Daniël, Chananja,
Misjaël en Azarja.

7


De vorst van de hovelingen stelt voor hen
   nieuwe namen in;

voor Daniël stelt hij Beltesjatsar in,
voor Chananja Sjadrach,
voor Misjaël Mesjach
en voor Azarja Aveed Nego.