Omdat de priesters en de Levieten als één man zich hebben gereinigd, zijn zij allen rein en kunnen zij voor alle kinderen der ballingschap het paaslam slachten, en voor hun broeders de priesters en voor zichzelf,
21
en eten zij het, de zonen en dochters van Israël die uit de ballingschap zijn teruggekeerd en elk die zich naar hen toe heeft afgescheiden van de smet op de volkeren van het land,- om mee te zoeken naar de Ene, Israëls God.
22
Dan houden zij het feest van de matses, zeven dagen lang, met vreugde; want de Ene heeft hen verheugd: hij heeft het hart van Asjoers koning naar hen toegedraaid om hun handen sterk te maken bij het werk aan het huis van Israëls God. •