Ik overzie het en sta op; ik zeg tot de edelen, de bestuurders en de overigen van de gemeenschap: vreest niet voor hun verschijning!- mijn Heer, die groot en vreeswekkend is, gedenkt hem, en voert oorlog voor uw broeders, uw zonen en dochters, uw vrouwen en uw huishoudens! •
|