Als ze het horen zijn ze verheugd en kondigen aan dat ze hem zilvergeld zullen geven; en hij is ernaar gaan zoeken hoe hij hem op het goede moment kan overgeven.
12
Op de eerste dag van de Ongegiste (Broden), wanneer ze het pesach* Of: paaslam. hebben geslacht, zeggen zijn leerlingen tot hem: waar wilt u dat we heengaan en alles gereedmaken dat u het pesach* Of: paaslam. kunt eten?
13
Dan zendt hij twee van zijn leerlingen uit en zegt tot hen: gaat de stad in, en daar zal jullie een mens tegemoet lopen die een kruikje water torst; volgt hem,
14
en waar hij naar binnen gaat, zegt daar tot de huiseigenaar: ‘de leermeester zegt: waar is mijn herbergzaal waar ik met mijn leerlingen het pesach* Of: paaslam. ga eten?’-
15
dan zal híj u een grote bovenzaal tonen, gespreid, gereed; maakt het dáár voor ons gereed!
16
De leerlingen trekken er op uit, komen de stad binnen, vinden alles zoals hij hun heeft gezegd en maken het pesach* Of: paaslam. gereed.