Instellingen

10


Dan gaat Judas Isjkariot,

die ene van de twaalf,
weg naar de heiligdomsoversten
om hem aan hen over te geven.

11


Als ze het horen zijn ze verheugd

en kondigen aan dat ze hem
zilvergeld zullen geven;
en hij is ernaar gaan zoeken
hoe hij hem op het goede moment
kan overgeven.

12


Op de eerste dag van de Ongegiste (Broden),

wanneer ze het pesach* Of: paaslam. hebben geslacht,
zeggen zijn leerlingen tot hem:
waar wilt u dat we heengaan
en alles gereedmaken
dat u het pesach* Of: paaslam. kunt eten?

13


Dan zendt hij

twee van zijn leerlingen uit
en zegt tot hen: gaat de stad in,
en daar zal jullie een mens tegemoet lopen
die een kruikje water torst; volgt hem,

14


en waar hij naar binnen gaat,

zegt daar tot de huiseigenaar:
‘de leermeester zegt:
waar is mijn herbergzaal
waar ik met mijn leerlingen
het pesach* Of: paaslam. ga eten?’-

15


dan zal híj u een grote bovenzaal tonen,

gespreid, gereed;
maakt het dáár voor ons gereed!

16


De leerlingen trekken er op uit,

komen de stad binnen,
vinden alles zoals hij hun heeft gezegd
en maken het pesach* Of: paaslam. gereed.