Naardense Bijbel > zoeken
Ook heeft hij gezegd: zó is het koningschap van God,- als een mens die het zaad uitwerpt over het aardland;
hij gaat slapen en hij wordt wakker, een nacht en een dag… het zaad kiemt en wordt groot, en hóe, dat weet hij niet;
vanzelf draagt het aardland vrucht, eerst een grasje, dan een aar, en dan volop koren in de aar;
wanneer de vrucht zich prijsgeeft, ‘zendt hij meteen de sikkel uit, omdat de zomeroogst is aangetreden’ (Joël 4,13).