en zegt: áls je maar herkent op deze dag, ja jíj!, wat tot vrede is!- nú wordt dat nog verborgen voor je ogen:
43
dat er dagen zullen komen over je waarop je vijanden een wal voor je zullen opwerpen en je zullen omsingelen en insluiten van alle kanten:
44
ze zullen jou en ‘je kinderen in jou verpletteren’ (Ps. 137,9) en in jou geen steen op een steen laten, daarvoor dat je niet herkent het moment dat je wordt bezocht!
45
Als hij binnenkomt in het heiligdom begint hij met de verkopers uit te drijven,
46
zeggend tot hen: er is geschreven ‘mijn huis zal zijn een huis van aanbidding!’ (Jes. 56,7), maar wat jullie ervan maken is ‘een hol van rovers’ (Jer. 7,11).
47
Dagelijks heeft hij in het heiligdom onderricht; de heiligdomsoversten en de schriftgeleerden hebben ernaar gezocht hem om te brengen, zo ook de voornaamsten van de gemeenschap,