Naardense Bijbel > zoeken
Hij, zijn ogen opheffend naar zijn leerlingen, heeft gezegd: Zalig de armen,- omdat voor u het koninkrijk van God is!
Zalig wie nu honger lijden,- omdat ge zult worden verzadigd! Zalig wie nu weeklagen,- omdat ge zult lachen!
Zalig zijt ge wanneer de mensen u haten,- wanneer ze u bannen, smaden en uw naam als iets boosaardigs uitwerpen vanwege de mensenzoon!
Verheugt u te dien dage en danst, want zie, groot is uw loon in de hemel: hetzelfde immers hebben hun vaderen gedaan aan de profeten!
Maar wee u die rijk zijt, omdat ge uw troosttoeroep hébt!
Wee u die nu voldaan zijt, omdat ge honger zult lijden!- wee u die nu lacht, omdat ge zult rouwen en weeklagen!
O wee wanneer alle mensen wél van u spreken: hetzelfde immers hebben hun vaderen gedaan aan de valse profeten.