Instellingen

24


Daarom heeft God hen

in de verlangens van hun harten
prijsgegeven aan onreinheid
en onteren zij hun lichamen
met hen.

25


Zij hebben de waarheid van God

veranderd in de leugen,
en eerbiedigen en vereren
het schepsel boven de Schepper,
die te zegenen is
tot in de eeuwigheden. Amen!

26


Daarom heeft God hen

prijsgegeven aan hartstochten vol on-eer;
want én
die van het vrouwelijke geslacht bij hen
hebben de natuurlijke omgang
veranderd in één tegen de natuur,

27


én evenzo hebben ook

die van het mannelijke geslacht
de natuurlijke omgang
met het vrouwelijke losgelaten
en zijn in hun begeerte
naar elkaar ontbrand
door als mannelijken
het onfatsoen met mannelijken te bedrijven
en het welverdiende loon voor hun dwaling
in zichzelf op te nemen.

28


En nu zij het niet naar waarde hebben geschat

God in erkentenis te houden,
heeft God hen prijsgegeven
aan een nietswaardig denken,
om dingen te doen die niet passen,-

29


vervuld als ze zijn van

ongerechtigheid, boosaardigheid,
hebzucht, kwaadstichten,
vol van afgunst, moordzucht,
twist, list en kwaadaardigheid;
roddelaars zijn ze,

30


lasteraars, godhaters, overmoedigen,

hovaardigen, grootsprekers,
uitvinders van kwade zaken;
aan ouders ongehoorzaam,

31


onverstandig, onbestendig,

onverzoenlijk, onbarmhartig.

32


Hoewel zij de rechtsordening van God

kennen, dat zij die zulke dingen begaan
de dood waard zijn,
doen zij ze niet alleen,
maar hebben ook mede welbehagen
in wie ze begaan.