Instellingen

6


Maar de rechtvaardiging uit geloof

zegt het zó:
zeg niet in je hart ‘wie zal
opklimmen naar de hemel?’ (Deut. 30,12);
dat is: Christus naar beneden voeren;

7


of: ‘wie zal neerdalen naar de afgrond?’


(Ps. 107,26);

dat is: Christus uit de doden
omhoogvoeren.

8


Nee, wat zegt zij?-

‘dicht bij jou is het woord,
in je mond en in je hart!’ (Deut. 30,14);
dat is het woord des geloofs
dat wij prediken,-