Want het ’niet vreemdgaan zul je, niet moorden, niet stelen, niet begeren’ (Deut. 5,17-21) en welk ander gebod ook, wordt in dit woord onder één hoofd gebracht: ‘liefhebben zul je je naaste zoals jezelf’ (Lev. 19,18).
10
De liefde bewerkt voor de naaste geen kwaad; vervulling van Wet is dan de liefde!