en het nieuwe mens-zijn moet aantrekken dat naar God geschapen is in waarachtige gerechtigheid en heiligheid.
25
Daarom: legt de leugen af en ‘spreekt waarheid, ieder met zijn naaste’ (Zach. 8,16), omdat wij ledematen van elkaar zijn;
26
‘weest toornig maar zondigt niet’ (Ps. 4,5): laat de zon over uw toorn niet ondergaan,
27
en geeft geen plek aan de uiteenwerper;
28
de dief moet niet meer stelen maar zich liever moe maken door met de eigen handen het goed bijeen te werken,- dan heeft hij iets om weg te geven aan wie gebrek heeft;