Instellingen

10


Voor het overige,

broeders-en-zusters van mij:
weest krachtig in de Heer
en in zijn sterke macht!

11


Bekleedt u met de wapenrusting van God,

opdat ge kunt standhouden
tegen de sluipwegen van de uiteenwerper;

12


want onze strijd is niet

tegen vlees en bloed,
maar tegen de overheden,
tegen de gezagsdragers,
tegen de wereldbeheersers
van deze duisternis,
en tegen de boze geesten
in de hemelse gewesten.

13


Neemt daarom aan:

de wapenrusting van God,
opdat ge weerstand kunt bieden
op de dag van het boze,
en met inzet van alles uw werk doende
standhoudt.

14


Houdt dan stand

‘uw lende omgordend met waarachtigheid’,
‘u bekledend met
het pantser der gerechtigheid’,

15


‘de voeten geschoeid met de bereidheid

voor de verkondiging van de vrede’

(Jes. 11,5; 59,17; 52,7),

16


in dit alles opnemend

het schild dat het geloof is,
waarmee ge alle brandende pijlen
van de boze
zult kunnen doven;

17


ontvangt ook de ‘helm des heils’ (Jes. 59,17)

en het ‘zwaard van de Geest’ (Jes. 11,4),
dat is: het woord van God,-

18


in alle aanbidding en smeking

te aller stond biddend
in de kracht van de Geest,
en daartoe nachtwaken houdend
met alle volharding en smeking
voor al de heiligen,-

19


ook voor mij,

opdat, als ik mijn mond open doe,
mij een woord gegeven wordt
om in vrijmoedigheid bekend te maken
het geheimenis dat de verkondiging is,

20


en waarvan ik, hoewel geketend,

een gezant ben,-
opdat ik er vrijmoedig mee mag zijn,
zoals het mijn plicht is te spreken.