Instellingen

1


Dit zijn de inzettingen en de rechtsregels,

die ge zult bewaken om te doen
in het land
dat de Ene, de God van je vaderen,
   heeft gegeven aan jou
   om het te beërven,-

al de dagen
dat gij op de –rode– grond leeft.

2


Laten verdwijnen, ja verdwijnen,
   zult ge al de oorden

waar de volkeren die ge gaat onterven
hun goden hebben gediend:
op de rijzige bergen, op de heuvels
en onder elke altijd-groene boom.