Instellingen

6


Wanneer er een vogelnest
   opduikt voor je aanschijn,

onderweg, in welke boom dan ook,
   of op het land,

met kleintjes of eieren,
en de moeder broedend op de kleintjes
of op de eieren,-
neem dan bij de jongen
   niet de moeder mee!

7


Loslaten, je zult de moeder loslaten

en de jongen zul je voor jezelf meenemen;
opdat het je goed zal gaan
en je je dagen zult verlengen.
••

8


Wanneer je een nieuw huis bouwt,

maak dan een borstwering aan je dak;
dan breng je geen bloedschuld over je huis
wanneer iemand die valt eraf valt.
••

9


Je zult je wijngaard niet bezaaien met
   tweeërlei-dooreen;

anders wordt ontheiligd
de volle maat van het zaad dat je zaait
en de opbrengst van de wijngaard.
••

10


Je zult niet ploegen
   met een os en de ezel aanéén.

••

11


Trek geen kleed van mengstof aan:

wol en linnen dooréén.
••

12


Kwasten zul je je maken,-

aan de vier vleugels
   van het dekkleed waarmee je je bedekt.

••

13


Wanneer een man een vrouw neemt,-

bij haar is binnengekomen
   en haar is gaan haten;

14


hij brengt wandaden van haar
   onder woorden

en heeft over haar
   een kwade naam naar buiten gebracht;

hij heeft gezegd:
deze vrouw heb ik genomen
maar toen ik tot haar naderde
vond ik bij haar geen maagdenvliezen!

15


Meenemen zal haar dan
   de vader van het meisje, of haar moeder,

en naar buiten brengen zullen ze
   de maagdenvliezen van het meisje
   tot de oudsten van de stad, in de poort.

16


Zeggen zal de vader van het meisje
   tot de oudsten:

mijn dochter
heb ik aan deze man tot vrouw gegeven
   en hij is haar gaan haten;

17


en zie, híj,

hij heeft wandaden
   onder woorden gebracht en gezegd:

‘ik heb bij je dochter
   geen maagdenvliezen gevonden!’-

maar dít zijn de maagdenvliezen
   van mijn dochter!

En uitspreiden zullen ze het kleed
voor het aanschijn van de oudsten der stad.

18


Nemen zullen de oudsten van de stad
   de man

en hem kastijden;

19


beboeten zullen ze hem
   met honderd zilverling

en die geven aan de vader van het meisje,
want hij heeft
   een kwade naam naar buiten gebracht

over een maagd van Israël;
ze zal hem tot vrouw zijn;
het is hem niet toegestaan
   haar heen te zenden, al zijn dagen!

••

20


Maar als het wáár is geweest,

dit woord:
er werden bij het meisje
   geen maagdenvliezen gevonden,-

21


naar buiten brengen zullen ze dan
   het meisje
   naar de ingang van haar vaders huis;

en de mannen van de stad
   zullen haar met stenen gooien
   totdat ze dood is,

want ze heeft een dwaasheid
   in Israël begaan

door in haar vaders huis te hoereren;
wegbranden zul je het kwade uit je kring!
••

22


Stel, men vindt een man
   liggend met een vrouw

die reeds de meesteresse van een meester is:
sterven zullen ze, zij tweeën,
de man die ging liggen bij de vrouw
   én de vrouw;

wegbranden zul je het kwaad uit Israël!
••

23


Stel, er is een meisje, maagd,

dat al aan een man verloofd is,-
maar een andere man
   vindt haar in de stad en ligt met haar,

24


naar buiten brengen zult ge hen tweeën,
   naar de poort van die stad,

en ze met stenen gooien
tot ze dood zijn,-
het meisje om reden
   dat ze niet geschreeuwd heeft
   daar in de stad,

en de man
om reden dat hij de vrouw van zijn naaste
   omlaaggehaald heeft;

wegbranden zul je het kwaad uit je kring!
••

25


Maar als de man

het meisje dat verloofd is
vindt in het véld,
en de man haar heeft overweldigd
   en met haar heeft neergelegen,-

sterven zal dan alleen
de man die met haar heeft neergelegen;

26


aan het meisje zul je niets* Letterlijk: geen woord. doen,

er rust geen doodzonde op het meisje,-
want
net als wanneer iemand
   opstaat tegen zijn naaste
   en hem, lijf-en-ziel, doodslaat,

zo is het met deze zaak;

27


want hij vond haar in het open veld;

al heeft ze geschreeuwd,
het meisje dat verloofd is,
dan was er toch niemand om haar te redden.
••

28


Stel, een man vindt

een maagd die nog niet verloofd is,
hij grijpt haar en ligt met haar neer,-
en dan worden ze gevonden:

29


geven zal de man die met haar neerlag
   aan de vader van het meisje
   vijftig zilverling;

ze zal hem tot vrouw worden
omdat hij haar omlaaggehaald heeft,-
het is hem niet toegestaan
   haar heen te zenden, al zijn dagen.

••