Dan roept Mozes heel Israël toe en zegt tot hen: hoor, Israël, de inzettingen en de regels die ik heden in uw oren uitspreek; leren zult ge ze en waakzaam zijn om ze te doen.
De Ene, onze God, heeft met óns een verbond gesmeed bij Horeb;
3
niet met onze vaderen heeft de Ene dit verbond gesmeed,- nee, met óns, wij die hier heden allen in leven zijn!
4
Aanschijn bij aanschijn heeft de Ene met ons gesproken op de berg vanuit het vuur;
5
terwijl in dat tijdsgewricht ik bleef staan tussen de Ene en u om u te melden wat werd gesproken door de Ene; want ge waart bevreesd voor het aanschijn van het vuur en hebt de berg niet beklommen; hij zei: ••
6
ik ben de Ene, God-over-jou, die jou heb uitgeleid uit het land van Egypte, uit het dienaarshuis;