Euodia roep ik op en Syntyche roep ik op om in eenheid met de Heer op hetzelfde te zinnen;
3
ja, ik vraag ook jou, hartelijke Synzygus: trek je deze vrouwen aan, die samen met mij in de verkondiging gestreden hebben, met ook Clemens en mijn overige mede-arbeiders wier namen staan in het boek des levens.
4
Verheugt u in de Heer, altijd; nog eens zal ik zeggen: verheugt u!
5
Laat uw vriendelijkheid bekend worden aan alle mensen. De Heer is nabij.
6
Weest over niets bezorgd,- nee, laten in alles, in aanbidding en smeking met dankzegging, uw vragen bekend worden bij God.
7
En de vrede van God, die alle denken te boven gaat, zal uw harten en uw gedachten bewaren in Christus Jezus.
8
Voor het overige, broeders-en-zusters, al wat waarachtig is, al wat eerbiedwaardig is, al wat rechtvaardig is, al wat ongerept is, al wat liefelijk is, al wat welluidend is,- als er enige deugd is, als iets lof verdient, overweegt dát;
9
wat ge ook hebt geleerd en aangenomen en gehoord en gezien in de omgang met mij, brengt dát in praktijk; en de God van de vrede zal met u zijn.