Instellingen

11


in hem zijt ge ook besneden,

met een besnijdenis,
niet met handen gedaan
maar in het afleggen van het lichaam
van het vlees,
in de besnijdenis van de Gezalfde,

12


mee-begraven met hem in de doop;

in hem zijt ge ook
mee-opgewekt door het geloof in
de werking van God die hem
heeft opgewekt uit de doden.

13


Ook u, die dood waart

door uw misstappen en door
de voorhuidigheid van uw vlees,
u heeft hij mee-levend gemaakt
met hem, toen hij ons genade betoonde
voor alle misstappen.

14


Het handschrift in ons nadeel

met zijn bepalingen,
dat tégen ons was,
heeft hij uitgewist, en hij heeft het
uit de weg geruimd
door het aan het kruis te nagelen.

15


Hij heeft de overheden en de gezagsdragers

uitgekleed en vrijmoedig
te kijk gezet en in hem over hen
getriomfeerd.

16


Laat dan niet iemand u

oordelen inzake spijs en drank
of op het punt van een feest
of nieuwemaan of sabbat,-

17


dingen die een schaduw zijn

van de dingen die komen;
maar het lichaam is
dat van de Gezalfde.

18


Laat niemand u diskwalificeren

door gewilde nederigheid
en engelenverering,
pralend met wat hij heeft gezien,
zonder reden opgeblazen door
wat zijn vlees bedenkt,

19


terwijl hij niet vasthoudt

aan het hoofd waaruit
heel het lichaam, door de gewrichten
en verbindingen ondersteund
en bijeengehouden,
zijn goddelijke groei groeit.

20


Als ge met Christus zijt ontstorven

aan de elementen van de wereld,
wat laat ge u dan bepalingen opleggen
alsof ge in de wereld leeft?

21


‘Raak niet, smaak niet,

roer niet aan!’