Instellingen

6


Ze komen aan bij de dorsvloer van Nachon;

ineens steekt Oeza zijn hand uit
   naar de ark van God en grijpt hem vast,

want de runderen
   hebben hem laten kantelen.

7


Dan ontbrandt de toorn van de Ene
   tegen Oeza

en slaat God hem daar neer
om deze onbedachtzaamheid;
hij sterft daar,
bij de ark van God.

8


Het ontbrandt bij David

dat de Ene met zo’n uitbraak is uitgebroken
   tegen Oeza;

hij roept als naam uit voor dat oord:
   Perets Oeza,- uitbraak tegen Oeza!

9


David wordt bevreesd voor de Ene
   op die dag,-

hij zegt:
hoe zal de ark van de Ene tot mij komen?