Instellingen

4:4


Weet

dat de Ene onderscheidt wie zijn vriend is, ✡
de Ene zal horen
als ik tot hem roep!

4:5


Weest woedend,

maar zondigt niet,
zegt het in uw hart op uw bed, ✡
en zoekt het in de stilte. sela

4:6


Offert offers van oprechtheid, ✡

en weet u veilig
bij de Ene.

4:7


Overvloedig die zeggen

‘wie laat ons zien het goede!- ✡
hef, Ene, over ons het licht van uw gelaat!’

4:8


In mijn hart gaf u mij vreugde, ✡

meer dan toen koren en most
bij hen in overvloed waren!

4:9


In vrede tezaam leg ik mij neer en slaap in,

want gij, Ene, alleen, ✡
biedt mij
een veilige zetel!

5:1


Psalm 5 • Verba mea auribus. (Voor de koorleider, bij fluiten,

een musiceerstuk v. David.)

5:2


Wat ik uitzeg, heb daar oor voor, Ene, ✡

versta toch mijn verzuchting!

5:3


Merk toch op mijn stem om hulp,

mijn koning en mijn God, ✡
want tot u
is mijn gebed!

5:4


Ene,

in de ochtend hoort gij mijn stem, ✡
’s ochtends bereid ik mij op u voor
en kijk ik naar u uit!

5:5


Want gij zijt geen God
   met behagen in boosheid, ✡

een slechtaard vraagt gij niet te gast!

5:6


Dwazen houden geen stand
   in het tegenover van uw ogen!- ✡

alle euveldaders
haat gij!

5:7


Gij laat leugensprekers teloorgaan,
   een man van bloed en bedrog ✡

is een gruwel voor u, Ene!

5:8


En ik,

in de overvloed van uw vriendschap
mag ik komen in uw huis; ✡
naar de hal van uw heiligdom
zal ik mij buigen
in vreze voor u.

5:9


Ene, leid mij door uw gerechtigheid

omwille van wie op mij letten, ✡
effen voor mijn aanschijn uw wegen!

5:10


Want in zo iemands mond
   is niets betrouwbaars,

hun boezem is enkel verderf,
een geopend graf is hun keel, ✡
met hun tong
praten ze alles glad.

5:11


O God, stort ze in hun schuld,

laat ze vallen in hun eigen plannen!-
misstappen bij hen in overvloed:
stoot ze weg!- ✡
want hun rebellie is tegen u!

5:12


Dan verheugen zich
   al wie toevlucht zoeken bij u,

voor eeuwig klinkt hun jubel
en gij overdekt hen, ✡
zij juichen om u,
de minnaars van uw naam!

5:13


Ja Ene, een rechtvaardige geniet uw zegen, ✡

hem omkranst ge met welbehagen
als een lijfschild!

6:1


Psalm 6 • Domine, ne in furore. (Voor de koorleider, bij snarenspel,

op de achtste,
een musiceerstuk v. David.)

6:2


Ene,

wil mij niet straffen in uw toorn, ✡
niet mij kastijden in uw gramschap!

6:3


Wees mij genadig, Ene,
   want ik schrompel weg, Ene, genees mij, ✡

want tot in het bot ben ik verbijsterd!

6:4


Mijn ziel is verbijsterd, bovenmate, ✡

en gij, Ene:
tot wanneer?

6:5


Keer terug, Ene,
   schenk mijn ziel weer vrijheid, ✡

red mij
ter wille van uw vriendschap!

6:6


Want geen die u gedenkt in de dood,- ✡

wie zal u dankzeggen
in de hel!

6:7


Afgemat ben ik van mijn zuchten,

drijfnat maak ik elke nacht mijn bed, ✡
mijn sponde spoel ik
met mijn tranen weg.

6:8


Mijn oog is dof geworden van verdriet, ✡

verstard
in al wat mij benauwt.

6:9


Maar wijkt van mij!,
   alle aanstichters van ellende, ✡

want de Ene heeft
het huilen van mijn stem gehoord!

6:10


Gehoord heeft de Ene
   mijn smeken om genade, ✡

de Ene,
mijn bidden neemt hij aan!

6:11


Al mijn vijanden worden beschaamd
   en zeer verbijsterd, ✡

keren terug,
ineens gehuld in schande!