Instellingen

31


In de tussentijd

hebben de leerlingen hem een vraag gesteld
en gezegd: rabbi, eet!

32


Maar hij zegt tot hen:

ík heb een spijze te eten
waarvan gíj niet weet!

33


Dus hebben de leerlingen

tot elkaar gezegd:
heeft iemand hem te eten gebracht?

34


Jezus zegt tot hen:

mijn spijze is
dat ik de wil doe van hem
die mij stuurt
en zijn werk volbreng!-

35


zegt gíj niet altijd

‘vier maanden is het nog
en de oogst komt eraan!’-
zie, ik zeg u:
heft uw ogen op en aanschouwt de velden:
ze zijn wit om te oogsten;

36


reeds neemt de oogstmaaier zijn loon aan

en verzamelt hij vrucht
voor eeuwigheidsleven,
zodat hij die zaait
zich net zo verheugt als wie oogst;

37


want hierbij is het woord waarachtig

dat het er een is die zaait
en een ander die oogst:

38


ík zend u uit om iets te oogsten

waarvoor gíj niet hebt gezwoegd;
anderen hebben gezwoegd
en gij zijt in hun zwoegen binnengekomen!

39


Maar uit die stad

gaan velen van de Samaritanen
in hem geloven
door het woord van de vrouw, die getuigt
‘hij heeft mij alles gezegd wat ik heb gedaan’.

40


Met dat dan de Samaritanen

bij hem aankomen
hebben ze hem gevraagd
om bij hen te blijven
en is hij daar twee dagen gebleven!-

41


en nog veel meer gaan er geloven

door zijn eigen woord.

42


En tot de vrouw hebben ze gezegd:

we geloven niet meer alleen door
jouw verhaal,
want we hebben zelf gehoord
en weten dat hij waarachtig is
de redder van de wereld!