Instellingen

38


Het voorhangsel van de tempel

scheurt in tweeën, van boven tot beneden.

39


En als de honderdman

die tegenover (hem) bij hem staat
ziet dat hij zó
de geestesadem uitblaast, zegt hij:
waarlijk, deze mens
is een zoon van God geweest!

40


Maar er zijn ook vrouwen geweest,

die van verre toeschouwden,
onder wie ook Maria Magdalena
en Maria van Jakobus de jongere,
en moeder van Joses, en Salome,-

41


die, toen hij in Galilea was,

hem zijn gevolgd
en hem hebben bediend,
ook vele andere (vrouwen)
die met hem mee zijn opgeklommen
naar Jeruzalem.

42


De schemering breekt reeds aan,

en daar het Voorbereiding is,
dat is vóórsabbat,

43


komt Jozef, die van Arimatea,

een vooraanstaand raadsheer;
ook híj is iemand geweest
die het koningschap van God verwelkomde;
hij waagt het
om bij Pilatus binnen te komen
en vraagt om Jezus’ lichaam.

44


Maar Pilatus is verbaasd:

is hij al gestorven?
Hij roept de centurio bij zich
en stelt hem de vraag
of hij allang gestorven is.

45


Na de kennisgeving door de honderdman

geeft hij het lichaam vrij aan Jozef.

46


Die koopt een linnen,

haalt hem naar beneden,
wikkelt hem in het linnen
en legt hem neer in een gedenkplaats
die uitgehakt is geweest uit een rotswand

(Jes. 22,16).

Dan wentelt hij een steen
voor de poort van de gedenkplaats.

47


Maar Maria Magdalena en Maria van Joses

hebben toegeschouwd
waar hij is neergelegd.