Instellingen

7


Daarom, neemt elkaar aan

zoals ook de Gezalfde
ons heeft aangenomen,
tot glorie van God.

8


Want ik zeg dat Christus

voor de waarachtigheid van God
bedienaar van de besnijdenis geworden is,
om de aankondigingen aan de vaderen
te bevestigen,

9


en opdat de heidenen

voor zijn ontferming God zullen loven,
zoals geschreven staat:
‘daarom zal ik u belijden
onder heidenen
en voor uw naam psalmzingen!’ (Ps. 18,50);

10


en elders zegt hij:

‘weest vrolijk, heidenen,
samen met zijn gemeente!’ (Deut. 32,43);

11


en elders:

‘looft, alle heidenen, de Heer,
en laten alle gemeenschappen hem prijzen!’

(Ps. 117,1);

12


en elders zegt Jesaja:

‘het zal de wortel van Jesse zijn,
hij die opstaat
om over heidenen te heersen;
op hem zullen heidenen hopen!’ (Jes. 11,10).

13


Moge de God van de hoop

u vervullen van alle
vreugde en vrede in het geloven,
zodat gij overvloedig wordt
in de hoop,
in kracht van de heilige Geest!

14


Maar ik ben er van overtuigd,

broeders-en-zusters van mij,
ik voor mij over u,
dat ge zelf vol zijt van goedheid,
vervuld van alle kennis,
bij machte ook elkaar
terecht te wijzen.

15


Toch heb ik u nogal gedurfd geschreven,

voor een deel, als iemand die u
dingen in herinnering brengt,
door de genade die mij
van Godswege is gegeven,