| 83:1 | Psalm 83 (82) • Deus, quis similis? (Een zang, een musiceerstuk v. Asaf.)
|
| 83:2 | O God, gun u geen rust, ✡ blijf toch niet zwijgen, houd u niet afzijdig, God!
|
| 83:3 | Zie toch hoe uw vijanden grommen, ✡ uw haters hebben geheven hun hoofd!
|
| 83:4 | Tegen uw gemeente gaat hun listige aanslag, ✡ ze beraden zich tegen wie gij wilt beschermen!
|
| 83:5 | Zeiden al: ‘die gaan we opruimen, dat volk moet weg!- ✡ dat nooit meer aan Israëls naam wordt gedacht!’
|
| 83:6 | Want ze beraadslaagden, één van hart, ✡ sloten een verbond, tegen u:
|
| 83:7 | de tenten van Edom, de Ismaëlieten, ✡ Moab en die van Hagar;
|
| 83:8 | Geval, Amon en Amalek, ✡ Pelesjet met wie zetelen in Tsor!
|
| 83:9 | Ook Asjoer sloot zich bij hen aan, ✡ en zij werden de sterke arm van de zonen van Lot! sela
|
| 83:10 | Doe aan hen als aan Midjan,- ✡ als Sisera, als Javien in het beekdal van Kisjon!-
|
| 83:11 | die bij Een-Dor zijn verdelgd, ✡ mest werden voor de –rode– grond!
|
| 83:12 | Zet hen en hun drijvers neer als Oreev, als Zeëev, ✡ als Zevach, als Tsalmoena hun plengvorsten alle!-
|
| 83:13 | die durfden zeggen: ‘wij gaan ons beerven ✡ de weilanden van God!’
|
| 83:14 | Mijn God, zet ze neer als een dwarrel, ✡ als kaf voor het aanschijn van een windvlaag!
|
| 83:15 | Zoals een vuur in brand steekt een woud, ✡ zoals een vlam bergen verschroeit,
|
| 83:16 | wil zo hen achtervolgen met uw storm, ✡ met uw orkaan hen verbijsteren!
|
| 83:17 | Vervul hun aanschijn van schande,- ✡ tot ze zoeken uw naam, o Ene!-
|
| 83:18 | ze worden beschaamd en verbijsterd voor altijd en immer, ✡ ze smadelijk teloorgaan;
|
| 83:19 | ze zullen weten dat gij,- uw naam, Ene, gij alleen, ✡ de Hoogste zijt, hoog over heel de aarde!
|
| Lees hoofdstuk 82 | Lees hoofdstuk 84 |