| 89:1 | Psalm 89 (88) • Misericordias Domini. (Een onderwijzing, v. Etan de Ezrachiet.)
|
| 89:2 | Uw vriendschap, Ene, zal ik eeuwig bezingen, ✡ aan geslacht na geslacht!- maak ik uw trouw bekend met eigen mond!
|
| 89:3 | Eens zei ik: eeuwig wordt vriendschap gebouwd, ✡ hemelhoog doet gij bij hen uw trouw gestand!
|
| 89:4 | ‘Ik sloot een verbond met wie ik verkoos, ✡ ik heb gezworen aan David, mijn dienaar:
|
| 89:5 | ik maak dat je zaad tot in eeuwigheid standhoudt, ✡ ik heb je troon gebouwd voor geslacht na geslacht!’ sela
|
| 89:6 | De hemelen danken uw wonder, o Ene, ✡ ja, in de vergadering van heiligen uw trouw!
|
| 89:7 | Want wie in het zwerk staat gelijk aan de Ene, ✡ kan onder Gods zonen de Ene evenaren!-
|
| 89:8 | een God, in de raad van heiligen geducht, ✡ groot en vreeswekkend over al wie hem omringen;
|
| 89:9 | Ene, God der strijdscharen, wie is als gij, met sterkte van de Ene ✡ en met uw trouw u omringend!
|
| 89:10 | Gij die beheerst de hoogmoed der zee, ✡ als zijn golven zich heffen, weet gij ze te stillen!
|
| 89:11 | Gij die Rahav hebt doorboord en vertrapt, ✡ met uw arm, uw kracht, uw vijanden hebt verstrooid:
|
| 89:12 | van u is de hemel, van u ook de aarde, ✡ de wereld en wat haar vervult, gij hebt ze gegrondvest!
|
| 89:13 | Noorden en zuiden, gij hebt ze geschapen, ✡ om uw naam jubelen Tabor en Hermon!
|
| 89:14 | Gij hebt een arm zo heldhaftig, ✡ krachtig is uw hand, uw rechterhand verheven!
|
| 89:15 | Op gerechtigheid en recht stoelt uw troon, ✡ vriendschap en trouw ontmoeten uw aanschijn!
|
| 89:16 | Zalig de gemeente met het schallen bekend, ✡ zij wandelen, Ene, in het licht van uw aanschijn!
|
| 89:17 | Om uw naam juichen zij alle dag, ✡ om uw gerechtigheid jubelen zij!
|
| 89:18 | Want hun luister, hun sterkte zijt gij, ✡ met uw welbehagen verhoogt gij onze hoorn!
|
| 89:19 | Ja, van de Ene is ons schild, ✡ van Israëls Heilige onze koning!
|
| 89:20 | Toen hebt gij in een aanschouwing gesproken tot uw vrienden, en gezegd: ‘hulp heb ik neergelaten over een held, ✡ ik heb verheven wie ik uitkoos uit de manschap;
|
| 89:21 | ik heb gevonden David, mijn dienaar: ✡ hem met olie van mijn heiligheid gezalfd;
|
| 89:22 | dat hem zal bevestigen mijn hand, ✡ ja, mijn arm hem zal versterken;
|
| 89:23 | dat geen vijand hem zal overvallen, ✡ geen zoon van euvelmoed hem zal doen bukken;
|
| 89:24 | vermalen zal ik zijn benauwers,- weg van zijn aanschijn, ✡ wie hem haten stoot ik neer;
|
| 89:25 | met hem zijn mijn trouw en mijn vriendschap, ✡ door mijn naam zal zijn hoorn zich verheffen;
|
| 89:26 | leggen zal ik zijn hand op de zee, ✡ op de rivieren zijn rechterhand;
|
| 89:27 | hij zal mij aanroepen: ‘gij, mijn Vader, ✡ mijn Godheid, Rots van mijn redding!’-
|
| 89:28 | zo maak ik hem een eersteling, ✡ de hoogste boven de koningen der aarde;
|
| 89:29 | voor eeuwig bewaar ik voor hem mijn vriendschap, ✡ mijn verbond blijft hem getrouw!-
|
| 89:30 | zijn zaad zet ik voort voor altijd, ✡ zijn troon zo lang als de dagen van de hemel!-
|
| 89:31 | maar als zijn zonen verlaten mijn Wet, ✡ niet hun weg gaan met mijn rechtsregels,
|
| 89:32 | als ze mijn inzettingen ontwijden ✡ en mijn geboden niet bewaken,
|
| 89:33 | zal ik met de stok hun misstappen straffen, ✡ hun ongerechtigheid met slagen;
|
| 89:34 | maar mijn vriendschap met hemzelf verbreek ik nooit, ✡ mijn trouw verloochen ik niet;
|
| 89:35 | nooit ontwijd ik mijn verbond; ✡ wat kwam over mijn lippen verander ik niet!-
|
| 89:36 | eenmaal heb ik bij mijn heiligheid gezworen: ✡ als ik tegen David ooit zal liegen!…
|
| 89:37 | zijn zaad zal er wezen voor eeuwig, ✡ zijn troon staat tegenover mij als de zon;
|
| 89:38 | als de maan, zo houdt hij eeuwig stand, ✡ een getrouwe getuige in het zwerk!’ sela
|
| 89:39 | Toch hebt gij verstoten en verworpen, ✡ zijt ge op uw gezalfde verbolgen!-
|
| 89:40 | hebt ge het verbond met uw dienaar ontkracht, ✡ zijn kroon ter aarde ontwijd!
|
| 89:41 | Al zijn muren hebt ge doorbroken, ✡ zijn vestingen gemaakt tot puin;
|
| 89:42 | hem plunderden al wie voorbijtrokken over de weg, ✡ geworden is hij een smaad voor zijn medebewoners;
|
| 89:43 | verheven hebt ge de rechterhand van zijn benauwers, ✡ al zijn vijanden hebt ge verheugd!-
|
| 89:44 | gij keerde ook de kling van zijn zwaard, ✡ niet deedt ge hem opstaan in de strijd!
|
| 89:45 | Zijn scepter hebt ge gebroken, ✡ ter aarde gestort zijn troon;
|
| 89:46 | van zijn jeugd de dagen verkort, ✡ met schaamte hem overdekt! sela
|
| 89:47 | Tot wanneer, Ene?- verbergt ge u voor immer?- ✡ blijft uw gramschap branden als een vuur?
|
| 89:48 | Gedenk toch, Heer, hoe kort mijn duur is, ✡ voor welk niets gij al Adams zonen hebt geschapen!
|
| 89:49 | Wie is de kerel die leeft en geen dood zal zien, ✡ zijn ziel kan ontrukken aan de hand van de hel! sela
|
| 89:50 | Waar, Heer, is uw vriendschap van vroeger?- ✡ aan David bezworen bij uw trouw!
|
| 89:51 | Gedenk, Heer, de smaad aan uw dienaar, ✡ die in mijn boezem ik draag, van al die vele manschappen,
|
| 89:52 | waarmee uw vijanden, Ene, hebben gesmaad, ✡ waarmee zij hebben gesmaad de stappen van uw gezalfde!
|
| 89:53 | Gezegend de Ene voor eeuwig! ✡ Amen, amen!
Slot van het derde boek der Psalmen
|
| Lees hoofdstuk 88 | Lees hoofdstuk 90 |