| 20:1 | In die dagen is Chizkiahoe dodelijk ziek geworden; bij hem komt binnen: Jesaja, de zoon van Amots, de profeet; hij zegt tot hem: zó heeft gezegd de Ene: gebied over je huis, want je gaat sterven, je zult niet langer leven!
|
| 20:2 | Dan draait hij zijn aanschijn naar de wand; hij bidt tot de Ene en zegt:
|
| 20:3 | ach, Ene, gedenk toch dat ik heb gewandeld voor uw aanschijn in trouw en met een hart vol vrede, en wat goed is in uw ogen heb gedaan! En Chizkiahoe weent het uit met groot geween. ••
|
| 20:4 | En het geschiedt: Jesaja is nog niet van de binnenhof weggegaan,- als het spreken van de Ene aan hem is geschied en zegt:
|
| 20:5 | keer terug, zeggen zul je tot Chizkiahoe, leidsman van mijn gemeente: zó heeft gezegd de Ene, de God van je voorvader David: gehoord heb ik je gebed, gezien heb ik je tranen,- zie, ik breng je genezing, ten derden dage zul je opklimmen naar het huis van de Ene!-
|
| 20:6 | toevoegen zal ik aan je dagen vijftien jaar, en aan de greep van Asjoers koning ontruk ik jou en deze stad; als een schild beschut ik deze stad, omwille van mijzelf en omwille van David, mijn dienaar!
|
| 20:7 | Dan zegt Jesaja: haalt een klomp vijgen! Ze halen die en leggen hem op de zweer, en hij leeft op.
|
| 20:8 | Chizkiahoe zegt tot Jesaja: wat is het teken dat de Ene mij genezing zal brengen,- en ik ten derden dage zal opklimmen naar het huis van de Ene?
|
| 20:9 | Jesaja zegt: dit is voor jou het teken van bij de Ene dat de Ene het zal doen, het woord dat hij heeft gesproken: moet de schaduw tien traptreden vooruitgaan of tien traptreden terugkeren?
|
| 20:10 | Jechizkiahoe zegt: makkelijk genoeg voor de schaduw om zich tien traptreden uit te rekken,- nee, maar dat de schaduw tien traptreden naar achteren terugkeert!
|
| 20:11 | Dan roept Jesaja de profeet tot de Ene,- en laat hij de schaduw terugkeren, langs de traptreden die zij is afgedaald, langs de traptreden van Achaz tien traptreden achteruit. •
|
| 20:12 | In die tijd ook heeft Berodach Baladan, zoon van Baladan, koning van Babel, briefrollen en een broodgift gezonden aan Chizkiahoe,- omdat hij heeft gehoord dat Chizkiahoe ziek is geweest.
|
| 20:13 | Hij hoort naar hen, Chizkiahoe, en laat hun heel zijn schathuis zien, het zilver, het goud, de balsems en de beste olie, zijn wapenhuis en al wat zich in zijn schatkamers bevindt; er is geen ding geweest dat Chizkiahoe hun niet heeft laten zien in zijn huis en in heel zijn heerschappij.
|
| 20:14 | Maar dan komt Jesaja de profeet binnen bij koning Chizkiahoe; hij zegt tot hem: wat hebben deze mannen gezegd, en waarvandaan komen zij tot jou?, en Chizkiahoe zegt: uit een ver land zijn zij gekomen, uit Babel!
|
| 20:15 | Hij zegt: wat hebben ze in jouw huis gezien?, en Chizkiahoe zegt: alles in mijn huis hebben ze gezien, er is geen ding geweest dat ze in mijn schatkamers niet hebben gezien!
|
| 20:16 | Dan zegt Jesaja tot Chizkiahoe: hoor het woord van de Ene!-
|
| 20:17 | zie, er zijn dagen op komst dat naar Babel zal worden weggedragen al wat er in je huis is en wat je vaderen hebben opgestapeld tot op deze dag; er zal geen ding overblijven,- heeft gezegd de Ene!-
|
| 20:18 | van je zonen die uit jou zullen voortkomen, die jij geboren zult doen worden, zullen er worden meegenomen; worden zullen zij hovelingen in het paleis van de koning van Babel!
|
| 20:19 | Dan zegt Chizkiahoe tot Jesaja: goed is het woord van de Ene, dat jij hebt gesproken! Hij zegt: of niet soms?- als er in mijn dagen vrede en trouw zal zijn!
|
| 20:20 | Het overige van de uitspraken over Chizkiahoe en heel zijn heldhaftigheid en hoe hij de vijver en de waterleiding gemaakt heeft en het water naar de stad heeft laten komen,- zijn die niet geschreven op de boekrol van de besprekingen der dagen van de koningen van Juda?
|
| 20:21 | Chizkiahoe legt zich neer bij zijn vaderen,- en zijn zoon Manasse wordt koning in zijn plaats. •
|
| Lees hoofdstuk 19 | Lees hoofdstuk 21 |