Terug naar zoeken
5:1


Wordt dan,

als kinderen van zijn liefde,
na-doeners van God,

5:2


en wandelt in liefde,

zoals ook de Gezalfde u heeft liefgehad
en zichzelf voor u heeft prijsgegeven
als opgangsgave en offerande,
voor God tot welriekende reuk.

5:3


Dus ontucht en alle onzedelijkheid,

of hebzucht,
mag bij u geen naam hebben,-
zoals het heiligen past,

5:4


net zomin als schandtaal, zotteklap

of laffe praat, die geen pas geven;
maar wel: dankzegging!

5:5


Want weest hiermee bekend:

dat elke ontuchtige of zedeloze
of hebzuchtige,
die dus een beeldenvereerder is,
geen erfdeel heeft in het koninkrijk
van de Gezalfde en van God!

5:6


Laat niemand u misleiden

met loze woorden;
want door zulke dingen
komt de toorn van God
over de zonen-en-dochters
der ongehoorzaamheid;

5:7


wordt dan hun mede-deelgenoten niet!-

5:8


want ooit waart ge duisternis,

maar nu zijt ge licht,
in eenheid met de Heer;
wandelt als kinderen van licht!,

5:9


-want de vrucht van het licht bestaat in

alle goedheid en gerechtigheid
en waarachtigheid-

5:10


wikkend en wegend

wat welgevallig is aan de Heer;

5:11


en hebt geen gemeenschap met

de onvruchtbare werken van de duisternis,
maar ontmaskert ze veeleer ook,

5:12


want wat in het verborgene

door hen geschiedt
is te schandelijk om zelfs maar te zeggen;

5:13


maar al wat door het licht wordt ontmaskerd,

wordt openbaar;

5:14


ja, al wat openbaar gemaakt wordt

is licht.
Daarom wordt er gezegd:
ontwaak, jij die slaapt,
en sta op uit de doden,
en de Gezalfde zal over jou schijnen!

5:15


Kijkt dan nauwlettend

hoe gij wandelt,
niet als onwijzen maar als wijzen

5:16


die de tijd uitkopen

omdat de dagen boos zijn.

5:17


Daarom: weest niet onnadenkend

maar verstaat wat de wil van de Heer is.

5:18


En ‘bedwelmt u niet aan wijn’ (Spr. 23,31),

want dat maakt reddeloos,
maar wordt vervuld van Geest,

5:19


elkaar toesprekend

met psalmen,
hymnen en geestelijke gezangen,
zingend en psalmend voor de Heer
met heel uw hart,

5:20


altijd voor alles

in de naam van onze Heer Jezus Christus
dank brengend aan onze God en Vader,

5:21


u aan elkander onderschikkend

in eerbied voor Christus,-

5:22


de vrouwen aan de mannen

met wie ze eigen zijn
als aan de Heer,

5:23


omdat de man ‘hoofd’ van de vrouw is

zoals ook de Gezalfde
hoofd is van de vergadering,
hij, de redder van het lichaam.

5:24


Nee, zoals de vergadering

zich onderschikt aan de Gezalfde,
zo ook de vrouwen aan de mannen,
in alles;

5:25


de mannen:

hebt de vrouwen lief
zoals ook de Gezalfde
de vergadering heeft liefgehad
en zich voor haar heeft prijsgegeven,

5:26


opdat hij haar zou heiligen;

hij heeft haar ook gereinigd
in het waterbad, door zijn woord,

5:27


om zelf haar in heerlijkheid

naast zich te plaatsen:
de vergadering zonder vlek of rimpel
of wat dan ook van zulke dingen;
nee, opdat zij heilig zal zijn
en onbesmet;

5:28


zo zijn ook de mannen verplicht

hun vrouwen lief te hebben
als hun eigen lichamen;
want wie zijn vrouw liefheeft
heeft ook zichzelf lief;

5:29


want niemand heeft ooit

zijn eigen vlees gehaat,
nee, hij voedt het en verzorgt het
zoals ook de Gezalfde de vergadering,

5:30


omdat wij ledematen zijn

van zijn lichaam.

5:31


‘Daarom zal een mens

vader en moeder verlaten
en zich hechten aan zijn vrouw,
en zij zullen zijn, die twee,
tot één vlees.’ (Gen. 2,24)

5:32


Dit geheimenis is groot, maar ik zeg dit

met het oog op Christus
en de vergadering.

5:33


In elk geval moet ook gij,

ieder in het bijzonder,
zijn vrouw zó liefhebben: als zichzelf,
en opdat de vrouw de man kan eerbiedigen.

Lees hoofdstuk 4 | Lees hoofdstuk 6