Terug naar zoeken
123:1


Psalm 123 (122) • Ad te levavi oculos meos. (Zang

van de opgangen.)

Naar u heb ik mijn ogen geheven, ✡
die zetelt
in de hemelen!

123:2


Zie, als de ogen van dienaars

naar de hand van hun heren,
als de ogen van een slavin
naar de hand van haar gebiedster,
zo gaan onze ogen
naar de Ene, onze God, ✡
totdat
hij ons begenadigt.

123:3


Wees ons genadig, Ene, wees ons genadig, ✡

want wij zijn van verachting
meer dan verzadigd!

123:4


Onze ziel is meer dan verzadigd
   van de spot van de snoevers, ✡

de verachting
der hoogmoedigen.

Lees hoofdstuk 122 | Lees hoofdstuk 124