De literaire vertaling,
dicht bij de grondtekstNaardense Bijbel > Psalmen
Terug naar zoeken | 130:1 | Psalm 130 (129) • De profundis. (Opgangenzang.)
Uit de diepten heb ik u, Ene, geroepen:
|
| 130:2 | Heer-over-mij, hoor naar mijn stem, mogen uw oren wezen vol aandacht ✡ voor de stem van mijn smeken om genade!
|
| 130:3 | Als gij, Ene, ongerechtigheden bewaakt, ✡ mijn Heer, wie zal bestaan?
|
| 130:4 | Maar bij u is de vergeving, ✡ want zo wilt gij gevreesd zijn!
|
| 130:5 | Hopen zal ik op de Ene, vol hoop is mijn ziel, ✡ ik ben zijn woord gaan verbeiden.
|
| 130:6 | Mijn ziel is gespitst op de Heer, ✡ meer dan wie wachten op de ochtend, wachtend op de ochtend!
|
| 130:7 | Israël, verbeid het van de Ene, want bij de Ene is vriendschap, ✡ bij hem is loskoping overvloedig.
|
| 130:8 | Hij is het die Israël loskoopt ✡ van zijn ongerechtigheden alle!
|
| Lees hoofdstuk 129 | Lees hoofdstuk 131 |