Psalm 15 (14) • Domine, quis habitabit?(Een musiceerstuk, v. David.)
Ene, wie zal te gast zijn in uw tent, ✡ wie wonen op de bergtop van uw heiligdom?
15:2
Die volmaakt is in wandel, en rechtvaardig in doen, ✡ een spreker van waarheid met heel zijn hart;
15:3
nooit had hij lasterpraat op zijn tong, nooit deed hij zijn metgezel kwaad, ✡ nooit bracht hij smaad over zijn naaste;
15:4
minachting vond in zijn ogen wie versmading verdient, en wie de Ene vrezen geeft hij glorie; ✡ en zwoer hij zichzelf ten kwade, ook dan wijzigt hij niets!-
15:5
zijn geld gaf hij niet tegen rente, geschenken tegen een onschuldige nam hij nooit aan; een dader van dit alles ✡ wankelt niet, voor eeuwig.